Bindende gemeenschappen
In gemeenschap en gemeenschappelijkheid zit het woord ‘gemeen’ dat niet alleen verwijst naar iets dat een groep mensen als gemeenschappelijk ervaart, maar ook gerelateerd is aan ‘de meent’, een centrale plek in een dorp. Een gemeenschap heeft, naast gedeelde gemeenschappelijke waarden, ook een herkenbare, toegankelijke plek nodig waar mensen kunnen samenkomen.
In Tilburg en omliggende dorpen zijn dat gedurende langere tijd de parochiale ensembles geweest. Nabijheid van de voorzieningen werd belangrijk gevonden, omdat dit niet alleen de gemeenschapszin ten goede zou komen, maar er bovendien voor zou zorgen dat de parochianen zich geen mobiele levenswijze zouden aanmeten die een bedreiging zou kunnen zijn voor de religieuze praktijk. Kerk, pastorie, klooster, school en patronaat geflankeerd door kerk- en schoolplein, speelplaats en kloostertuin dienden het middelpunt te vormen van waaruit een buurt in sociaal opzicht was af te bakenen als ‘kring’ om te leven, wonen en werken.
Ontbindende ensembles
De parochiale ensembles staan echter onder druk vanwege het wegvallen van de oorspronkelijke religieuze functie van de gebouwen. Dit heeft ook gevolgen voor de bijbehorende tussenruimten. Door sloop en herbestemming van separate bouwwerken en het opknippen van tussenruimten in de parochiale ensembles verandert of verdwijnt de onderlinge samenhang. Privaat geldelijk gewin voert hierbij menigmaal de boventoon zonder rekenschap af te leggen aan de maatschappelijke waarde voor de gemeenschap waarin het parochiale ensemble is ontstaan. Scholen worden verbouwd tot individuele woningen en om de voormalige schoolpleinen komen hekwerken ter bescherming van het private geluk of geparkeerde auto’s. De tussenruimten worden daarmee gereduceerd tot geïsoleerde, monofunctionele anonieme restruimten. Een reductie die ten koste gaat van de onderlinge samenhang in de tussenruimten. Een ingreep die duidelijk maakt wie welkom is en wie niet. Angst voor het onbekende domineert.
Een actieve herijking
Gelukkig voert privaat geldelijk gewin niet altijd de boventoon in de transformatie van parochiale ensembles. Er zijn hoopgevende voorbeelden, maar de gemeenschappelijke waarde is fragiel en aan het verdwijnen. Terwijl de roep om meer saamhorigheid en gemeenschapszin weer sterker klinkt. In onze polariserende samenleving, waarin sociale media individuele belangen maximaliseren, lijken gemeenschappelijke vormen van wonen, werken, recreëren en zorgen voor elkaar van steeds groter belang te worden, getuige de talrijke bewonersinitiatieven, wijkcoöperaties, lokale fondsen, wijkbedrijven, energiecoöperaties en zorgzame dorpen. Het zijn allemaal (niet-religieuze) gemeenschappen waarin burgers zich (tijdelijk) verenigen om gezamenlijk maatschappelijke doelen én een plek hiervoor te realiseren.
Welke actieve rol kunnen de parochiale ensembles in hun nieuwe hoedanigheid hierin spelen? Kunnen zij de van oudsher inherent aanwezige gedwongen homogene gemeenschappelijkheid herijken voor de vorming van nieuwe (tijdelijke) gemeenschappen of het versterken van bestaande, ‘lichte’ en meer heterogene gemeenschappen?