Verslag

Rens van de Plas

2026.2

BOUWSTOF

In dit verslag lees je:

  1. Waarom we architectuur van tussen 1965 en 1990 óók moeten omarmen
  2. Hoe het helpt om onze ruimtelijke opgaven ook vanuit dieren en de natuur te benaderen
  3. Welke lessen Spoorzone Tilburg en andere stationslocaties in de regio van Eindhoven Strijp-S kan overnemen
  4. Hoe de samenwerking voor de woningbouw op het nieuwe Louis Bouwmeesterplein vorm kreeg

‘Het verhaal achter een gebouw is steeds belangrijker geworden.’ Talkshow Bouwstof opent deze editie met architectuurhistoricus Leon van Meijel, die in verschillende steden onderzoek doet naar Post 65-architectuur: architectuur van tussen 1965 en 1990. Waar er voor vroegere inventarisatierondes vooral categorisch is gekeken naar woningen, kerken en winkels, draait Post 65 veel meer om het narratief. ‘Post 65 is een tijdvak dat heel erg om burgerparticipatie draaide. Veel Post 65-gebouwen zijn ook door de jaren heen getransformeerd. Dat maakt dat het verhaal van een gebouw er ontzettend toe doet’, zegt Van Meijel.

architectuurhistoricus Leon van Meijel
architectuurhistoricus Leon van Meijel

In Tilburg gaat het om gebouwen en gebiedsontwikkelingen zoals de Katterug, het voormalige Rechtbank-gebouw en ‘het Potlood’ in het Anna Paulownahof. ‘Typisch uit de Post 65-periode was suburbanisatie. Een tijdje was de stad minder populair en wilde mensen ruim wonen in het groen. In Tilburg wilden ze die kapitaalkrachtige mensen toch binnen de gemeentegrenzen houden en hebben ze daarom de wijk De Blaak gebouwd: een typische bloemkoolwijk met veel huizen met zitkuilen en gescheiden verkeerssoorten.’ Van Meijel ziet dat dat een totaal andere wijk is geworden dan dan wijken die in de jaren daarvoor gebouwd zijn.

Uitbreidingswijken zoals De Blaak, stadsvernieuwingsprojecten zoals de Katterug, de bouw van nieuwe kantoorcomplexen: je ziet het in meerdere steden terug. In Ede is gekozen voor een hele sterke dooradering van het groen van buiten de stad naar de binnenstad toe. In Eindhoven is werk gemaakt van bijzondere kantoorgebouwen. In Gouda is een aantal hele experimentele woningbouwcomplexen gebouwd waar latere projecten stevig op zijn geïnspireerd.

Zo’n richtinggevende rol heeft Tilburg nooit gehad, maar dat neemt niet weg dat er interessante projecten in de stad te vinden zijn. ‘Tilburg liet zich vooral kenmerken door de teloorgang van de wol- en textielindustrie. Door het verdwijnen van die fabrieken en de ontkerkelijking kwam er ineens heel veel leeg te staan. Daar heeft de stadsvernieuwing zich dus op gefocust’, zegt de architectuurhistoricus. ‘De oude ABN Amro-bank is misschien wel een mooi voorbeeld: die is helemaal van trespa gemaakt. Dat was in Post 65 hét nieuwe materiaal waarmee innovatieve projecten werden gemaakt.’

Eileen Stornebrink en Willie Vogel
Eileen Stornebrink en Willie Vogel

Wilg, bever, boer

Hoewel zij zelf niet zo snel voor Trespa kiezen is werken met verschillende materialen ook de ontwerpers van Studio Inscape niet vreemd. Onlangs werd bekend dat de jonge ontwerpers Eileen Stornebrink en Willie Vogel de Jonge Maaskantprijs gewonnen hebben. ‘Wij hebben een master in architectuur, maar vonden het heel belangrijk om ons breder te oriënteren. We zijn een praktijk voor architectuur en landschap en we willen ontwerpen voor een menselijke doelgroep als onderdeel van een natuurlijke omgeving’, zegt Stornebrink. ‘We willen bijdragen aan een andere bouwcultuur.’

Eerder maakten ze een tijdelijke interventie in het Rotterdamse Museumpark, waarbij ze een met tweedehands materialen een tijdelijk paviljoen bouwden. En ze werkten aan een installatie over de Oosterschelde: Oosterschelde in onderhandeling genoemd. ‘In dat gebied spelen verschillende dilemma’s en we merkten dat de politiek geen beslissingen durfde te nemen. Dat wilden we doorbreken. We hebben een tafel voor twaalf personen ontworpen waarbij iedereen een andere rol kreeg. Dat kon ook de rol van een dier of een boom zijn’, legt Vogel uit.

het Waterkabinet
het Waterkabinet

Een project wat daar erg op lijkt is Het Waterkabinet, dat de ontwerpers op uitnodiging van provincie, gemeenten en waterschappen voor de regio Noordoost-Brabant samenstelden. De opgave speelt zich af in het stroomgebied van de Aa en de Dommel. ‘De installatie, met centraal een grote tafel bestaande uit vier delen die samen het stroomgebied voorstellen, is vooral bedoeld voor raadsleden. Deelnemers kunnen de rol aannemen van een wilg, een bever en een boer; allemaal verschillende stemmen die belangen hebben in dit gebied’, zegt Vogel. Iedereen start rondom een deel van de tafel, om vanuit diens eigen rol zijn eigen belangen zo goed mogelijk te verdedigen in een voorstel voor de toekomst.

Later worden de vier delen van de tafel aan elkaar geschoven en komen raadsleden er ineens achter dat er een landschap is gecreëerd waarin niet iedereen een plek heeft. ‘Dat zorgt echt voor een shockeffect. Dan moeten ze dus nog een keer gaan overleggen en definitief afscheid gaan nemen van bepaalde rollen’, vertelt Vogel. ‘Wij willen echt dat langetermijnperspectief bijbrengen. Dit soort vragen zijn heel erg dringend’, zegt haar collega.

Aan de zaal geven ze mee dat het ontwerpvak heel gevarieerd moet blijven. Er is niet één manier om naar architectuur en landschap te kijken, denken de ontwerpers. ‘We zijn nog zoekende wat de rol van de architect is, maar we denken dat die er onder andere is om dingen te verbeelden. We zetten ons in voor minder sloop en meer gebruik van natuurlijke, lokale materialen, maar we moeten dat ook samen doen.’ De twee ontwerpers denken dat er veel te leren is van andere disciplines, zoals filosofen, ecologen en waterbouwkundigen.

gitarist Sjors van der Mark
gitarist Sjors van der Mark

Tijdens het intermezzo zien we dronebeelden van zonnevelden, ecoducten, bossen, asfalt en rivieren voorbijkomen. Met die beelden worden de actuele opgaven voor de Stedelijke Regio Breda-Tilburg in één klap visueel. De groei van de Efteling, die impact heeft op het landschap en het dorp eromheen. De groene corridor tussen Rijen en de Reeshof, waar de samenhang verloren dreigt te gaan. En de relatie tussen de Bredase binnenstad en het landschap, die ook onder druk staat. Gerdien Wolthaus Paauw legde ze vast. De beelden werden live begeleid door gitarist Sjors van der Mark, die het door Nicoline Soeter gecomponeerde werk Dingin Mavi opvoerde.

McDonald’s op Strijp-S?

Kan de Tilburgse Spoorzone zich ook door het Eindhovense Strijp-S laten inspireren? De hypermoderne, industriële wijk loopt zo’n tien jaar voor op de Spoorzone en is dus misschien wel Tilburgs voorland. En dat van andere stationsgebieden, want ook in Breda en Rijen wordt werk gemaakt van nieuwe stationsomgevingen. ‘Op dat soort plekken wordt ontmoeting steeds belangrijker’, zegt directeur Alwin Beernink van Park Strijp Beheer.

Alwin Beernink
Alwin Beernink

Hij signaleert dat er steeds meer één- en tweepersoonshuishoudens bijkomen. Daar hoort een andere manier van leven bij. ‘Je kunt hele mooie stadsparken maken, maar er zijn ook veel mensen die gewoon even naar buiten willen met een bakje koffie. Er moet wat ons betreft dus ook meer pantoffelgroen bij’, schetst Beernink. ‘Groen heel dichtbij, op “pantoffelafstand”. De groene promenade die we op de Torenallee hebben, wordt op hete dagen meteen gebruikt.’

Strijp-S is een creatief cluster en dat moet ook zo blijven. Maar dat is geenszins vanzelfsprekend, weet de directeur ook. ‘Je ziet te vaak gebeuren dat er ergens een vette barista met een goeie baard neer wordt gezet, dat daar veel mensen op afkomen en dat het klaar is zodra er echt ontwikkeld gaat worden. Ik vind juist dat je door moet gaan met de pioniers en ondernemers waar je mee begonnen bent. Leuke restaurantjes, cafés, unieke bioscopen: dat wil je vasthouden.’ Het is als een roltrap, zegt Beernink: iedere keer probeer je groei te faciliteren en iedere keer probeer je ook de onderste tree vrij te spelen voor nieuwe start-ups, starters op de woningmarkt en experimenteerruimte.

Dat laatste moet je overigens niet onderschatten, zegt de directeur. Met zijn zestien jaar ervaring benadrukt hij hoe belangrijk het is om voor ‘permanente tijdelijkheid’ te zorgen. ‘Er moet ruimte zijn voor toevalligheid. Een plein waar je events kunt programmeren of pop-upinitiatieven die een plekje kunnen vinden. Er is veel wat je niet van tevoren kunt bedenken en het is goed als daar ruimte voor is’, betoogt Beernink. ‘Je moet doorbouwen op de humuslaag die er al is.’

En ja, er moet geld verdiend worden, erkent hij ook. Hoe meer partijen er in een gebied zitten, hoe lastiger het wordt om de identiteit van het gebied overeind te houden. Werd Strijp-S aanvankelijk nog ontwikkeld op basis van een convenant met vijf partijen, inmiddels is het stokje overgedragen aan de tientallen bedrijven die bij de bedrijveninvesteringszone zijn aangesloten. ‘Je hoopt dat de ondernemers in het gebied willen doorzetten wat wij gebouwd hebben. Het mag veranderen, maar we hopen dat de huidige identiteit bestendigd blijft. Als er een McDonald’s op Strijp-S landt, is het mislukt. Die moet wat mij betreft op een andere plek zitten.’

Tilburgs sentiment

In het Tourtje Tilburg gaat Tim Frenken op bezoek in het Fabriekskwartier, waar de eerste woningen inmiddels opgeleverd zijn. Bij het Louis Bouwmeesterplein gaat dat echter nog een tijdje duren: die plannen staan nog in de kinderschoenen. Daar gaan de komende jaren 480 woningen verrijzen. ‘Ik parkeerde altijd mijn auto in de parkeergarage daar’, zegt Frans van den Boomen, directeur van ontwikkelaar BPD. ‘Zo’n goede plek middenin de stad: we dachten dat dat toch wel wat anders kon.’

De ontwikkelaar diende een initiatiefplan in bij de gemeente. Die stond daar niet onwelwillend tegenover, maar wilde er een grootschalige gebiedsontwikkeling van maken. Dat betekende dat bestaande koop- en huurwoningen het veld moesten ruimen. ‘In de eerste instantie waren zij niet enthousiast, maar we zijn het gesprek aangegaan en hebben de mensen die er zaten iets goeds kunnen bieden’, legt Van den Boomen uit. Er moest een project voor terugkomen waarbij plek was voor gezinnen, dat betaalbaar was voor verschillende doelgroepen en aansluiting had op alle uitvalswegen rondom het terrein.

Met die visie werden verschillende architecten aangeschreven door de gemeente. Uiteindelijk werd een team gekozen waar bureaus Hilberinkbosch en Werkstatt deel van uitmaakten. ‘Wij zijn redelijk bekend met Tilburg, maar dit was wel een wat andere schaalgrootte dan normaal’, zegt Geert Hilberink. ‘We vroegen Orange Architects om mee te denken: zij beheersen deze schaal goed. En we wilden een jong bureau aanhaken die vooral het sociale en duurzame aspect goed beheerste: dat werd dus Werkstatt.’

De klik die de bureaus onderling hadden en de liefde die ze in hun ontwerp staken, werkte overtuigend bij gemeente en BPD. Maar uiteraard zijn er ook uitdagingen waar niet een-twee-drie een oplossing voor kwam. ‘Het sleutelmoment was het herontwerp van de parkeergarage. Doordat we dat goed konden oplossen, kwam er meer ruimte vrij op maaiveld’, zegt Raoul Vleugels van Werkstatt. ‘Daarmee wonnen we echt ruimte voor stedelijke functies. Je wilt een plan maken wat zich echt alleen op deze plek kan manifesteren’, vult Hilberink aan.

Het team vroeg de Tilburgse kunstenares Sigrid Calon om met heen mee te denken. Aan haar was het de taak het Tilburgse DNA te bewaken. Zij wees het ontwerpteam er bijvoorbeeld op dat de iconische fontein echt behouden moest blijven: dat is tenslotte echt Tilburgs sentiment. Typisch Tilburgse symbolieken worden ook in het ontwerp doorgetrokken, leggen de architecten uit. ‘We hebben een aantal schuinstaande gevels in het ontwerp verwerkt. Als de zon daarop schijnt, creëert dat de illusie van sheddaken.’ Dat is een knipoog naar de textielfabriek die op dit plein gestaan heeft. Een schoorsteen in het ontwerp geeft toegang tot de parkeergarage.

Bijzonder aan dit complex wordt de gelaagdheid. Mensen ontmoeten elkaar niet alleen in grote ruimtes onderin het complex, maar ook op verschillende lagen in de torens. ‘We vinden het belangrijk dat mensen allereerst eigenaarschap kunnen voelen dichtbij hun eigen voordeur. Aan de daktuinen hebben we dus ook collectieve ruimtes ontworpen en er zijn stukjes galerij waar ook op geleefd kan worden. Zo bouwen we dat eigenaarschap zorgvuldig op’, zegt Vleugels. Als de gebouwen er over een aantal jaar staan, wordt dat de voorlopige kroon op het werk van de ontwikkelaar en de architecten.

tekening van Jeroen de Leijer
tekening van Jeroen de Leijer

BOUWSTOF wordt voor het eerst op ludieke wijze afgesloten door de hilarische tekeningen van Jeroen de Leijer. Dit najaar is er een nieuwe BOUWSTOF. Houd ook de agenda van CAST in de gaten voor andere events, bijeenkomsten en gesprekken.