Verslag

Rens van de Plas

Bold City Brave Decisions | Stadmakersgesprek

Over moedige beslissingen in stadsontwikkeling

Op 18 november organiseerden we op het StadsBalkon van de LocHal een stadmakersgesprek in het kader van de tentoonstelling Bold City Brave Decisions. Deze reizende tentoonstelling van De Zwarte Hond onderzoekt hoe middelgrote steden zich ontwikkelen door moedige keuzes op het snijvlak van beleid, politiek en ontwerp, met Groningen als voorbeeld(ige) stad. Met CAST haalden we de tentoonstelling naar Tilburg én voegen we er een nieuw hoofdstuk aan toe, met vier lokale ‘brave decisions’ die laten zien hoe de stad zich steeds opnieuw uitvindt – en verder bouwt aan haar toekomst.

In gesprek met Jeroen de Willigen (stedenbouwkundige en partner De Zwarte Hond en voormalig stadsbouwmeester Groningen), Bas van der Pol (wethouder Stedelijke ontwikkeling en Economie gemeente Tilburg) en Marieke van Doorninck (voormalig wethouder Ruimtelijke ontwikkeling en Duurzaamheid gemeente Amsterdam, strategisch adviseur AMS Institute), verkenden we wat het vandaag betekent om moedige stedelijke keuzes te maken – en vooral: hoe die ook daadwerkelijk vorm krijgen in de praktijk. We blikten terug én vooruit: wat vraagt de toekomst van steden? Moed toont zich in zowel richting geven als ruimte laten. Het gesprek draaide om de vraag hoe stedelijke verandering ontstaat, top-down, bottom-up of in het samenspel, en welke rol ontwerpkracht daarin speelt.

Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck

Om het ijs te breken is programmamaker en moderator Henriette Sanders benieuwd wat een stad nou eigenlijk moedig maakt. Een bezoeker geeft het voorbeeld van de Poolse Stad Łódź. ‘Dat is een vergelijkbare stad als Tilburg, maar ze hebben één ding niet gedaan: alles gesloopt. Er staan nog fantastisch mooie industriële gebouwen die je op een hele goede manier kunt gebruiken’, vertelt de bezoeker. ‘Ze wachten daar gewoon tot bepaalde functies uitgebloeid zijn. Dat kun je ook doen, in plaats van miljoenen uit te geven aan dingen die tot niks leiden.’

Een andere bezoeker haalt een citaat van de Utrechtse burgemeester Sharon Dijksma aan, die stelt dat we bezig zijn met een wederombouw. ‘We zijn niet aan het verstedelijken, maar aan het herstedelijken. Die discussie over bold decisions moet niet alleen over nieuwe delen van de stad gaan, maar juist over de bestaande stad’, zegt hij. Een andere bezoeker heeft het idee dat Tilburg praktisch opnieuw verkaveld kan worden: de voorbeelden van diepe achtertuinen in de stad waar nooit iemand komt zijn legio, volgens haar. Benut die grond goed, is haar advies.

"De Willigen lijkt op zoek naar een nieuw verhaal voor de architectuur en de stedenbouw. ‘Een groot deel van de wereld staat onder invloed van een soort vastgoedtyconen. Dat maakt ons vak bijna verdacht. Alles wat met visie te maken had, werd door onze neoliberale premier verdacht gemaakt: alles draaide lang om groei en een winnaarsmentaliteit.’"

Na een kort rondje door de zaal neemt Jeroen de Willigen, partner bij De Zwarte Hond, het woord. ‘Er zijn natuurlijk grote vraagstukken waar we wat aan moeten doen. Hoe zorgen we ervoor dat de klimaatverandering minder ernstig uitpakt dan we nu zien? En hoe krijgen we arm en rijk wat dichter bij elkaar?’, vraagt hij zich hardop af. De Willigen lijkt op zoek naar een nieuw verhaal voor de architectuur en de stedenbouw. ‘Een groot deel van de wereld staat onder invloed van een soort vastgoedtyconen. Dat maakt ons vak bijna verdacht. Alles wat met visie te maken had, werd door onze neoliberale premier verdacht gemaakt: alles draaide lang om groei en een winnaarsmentaliteit.’

De uitwas van die mentaliteit is de metropool: de grote gelijkmaakmachine, een plek waar mensen zich zouden kunnen ontwikkelen. De ideale maat van steden zou rond de tien miljoen inwoners liggen. ‘Dat is interessant als we naar Europa kijken: steden van meer dan tien miljoen kennen we eigenlijk niet en de mensen in de grote steden zijn helemaal niet altijd gelukkig. Veel meer mensen wonen in Europa juist in kleinere steden. En toch lijkt dat een onderzoeksveld waar we niet over nadenken’, signaleert De Willigen.

Presentatie Jeroen de Willigen. Foto Freddie de Roeck
Presentatie Jeroen de Willigen. Foto Freddie de Roeck

"In Groningen zijn de gevolgen van de moedige keuzes uit het verleden zichtbaar in het vervoersgebruik: slechts tien procent van de vervoersbewegingen vindt met de auto plaats, bijna zeventig procent van de Groningers pakt de fiets."

Van Groningen tot Parijs 
De reizende tentoonstelling deed afgelopen tijd meerdere Europese steden aan, zoals Graz, Mainz en Rotterdam. In elke stad proberen de ontwerpers kennis op te halen hoe die middelgrote steden zich ontwikkelen. De Willigen presenteert een aantal voorbeelden uit Groningen, de stad die door De Zwarte Hond als voorbeeld(ig) wordt gezien, en die centraal staat in de tentoonstelling: ‘Goudappel Coffeng stelde daar een vrij rigoureuze ingreep voor: een snelweg door de stad heen. Wethouder Max van den Berg zei destijds: dat gaan we niet doen. Hij wilde de stad juist autoluw maken: de stad moest niet voor machines zijn, maar voor mensen.’

Een ander voorbeeld: een stevig plan voor volkshuisvesting, opgetekend in de jaren 30 door Hendrik Petrus Berlage en veertig jaar later nog steeds actueel. ‘Dat plan is altijd de onderlegger geweest voor de stadsuitleg. Daarmee is die stad altijd gegroeid in een hele samenhangende manier. Ik en mijn collega werken nu aan de invulling van het Suikerfabriekterrein en we gebruiken dat plan nog steeds als een soort onderlegger.’ Het interessante aan de dappere keuzes uit de presentatie van De Willigen is wel dat het niet alleen om die keuze zelf gaat, maar vooral over al die effecten die erna komen.

In Groningen zijn de gevolgen van de moedige keuzes uit het verleden zichtbaar in het vervoersgebruik: slechts tien procent van de vervoersbewegingen vindt met de auto plaats, bijna zeventig procent van de Groningers pakt de fiets. In Parijs durft de burgemeester overal in de stad nieuwe fietspaden aan te leggen en nieuwe metrostations te bouwen om de periferie van de stad beter aan te hechten. Maar er zijn ook genoeg dappere keuzes gemaakt die ook negatieve gevolgen hadden: voor de transformatie van Haussmann moesten tienduizenden arme mensen Parijs verlaten. ‘Er hoort altijd een soort enge verantwoordelijkheid bij’, besluit De Willigen.

Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck

Programmamaker Alexandra Sonnemans licht na de presentatie van De Willigen kort de geselecteerde moedige Tilburgse besluiten toe. De ring om de stad van Johan Rueckert kan daarbij niet ontbreken: dat werd een eerste hoofdstructuur voor de vooral aaneengegroeide Tilburgse stad. En ook de radicale stadsvernieuwing van de jaren 50 hoort in het lijstje moedige besluiten: definitief afscheid nemen van de textielindustrie en de stad een moderniseringsimpuls geven. ‘Daar kwamen nieuwe scholen, pleinen en woonwijken voor terug, maar er werd ook heel wat voor gesloopt. Die aanpak was omstreden, maar de moed zat in het durven loslaten van het oude fundament en ruimte maken voor een nieuwe toekomst.’

De jaren 90 stonden juist weer in het teken van kleinschalige ingrepen met een grote impact: de zogenaamde archipunctuur werd het uitgangspunt. Projecten als het kunstencluster van Jo Coenen maken daar onderdeel vanuit. De laatste grote keuze was het openen van de ‘verboden stad’. ‘Toen in 2011 de hekken van de voormalige NS-werkplaats opengingen ontstond er, ook door de kredietcrisis, onverwacht ruimte voor herontwikkeling en experiment. De gemeente koos er niet alleen voor dat gebied open te stellen, maar ook in eigendom te nemen. De leegstaande loodsen werden gevuld met initiatieven die juist vanuit de lokale gemeenschap kwamen.

"Volgens wethouder Bas van der Pol gaan dappere keuzes niet alleen over hele grote gebaren en komen die zeker niet altijd op het conto van een wethouder te staan. ‘Je moet overzien wie er allemaal bijdragen en welke hele kleine, moedige keuzes zij allemaal maken."

Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck

Iets achterlaten is ook dapper
In het panelgesprek dat volgt schuiven naast Jeroen de Willigen ook wethouder Bas van der Pol en strategisch adviseur Marieke van Doorninck aan. Van Doorninck was tussen 2018 en 2022 wethouder in Amsterdam. ‘Een van onze brave decisions was stoppen met het uitrollen van het centrumgebied. We zijn Amsterdam daarna als een meerkernige stad gaan zien. Het centrummilieu past niet overal’, omschrijft ze. ‘Dat heeft ook de weg vrijgemaakt voor mensen om zelf bij te dragen aan de stad.’ Bij het Buikslotermeerplein kwamen inwoners bijvoorbeeld op voor het behoud van hun vervallen bowlingbaan, waar nu met de medewerking van de gemeente een buurtcentrum van gemaakt wordt.

Volgens wethouder Bas van der Pol gaan dappere keuzes niet alleen over hele grote gebaren en komen die zeker niet altijd op het conto van een wethouder te staan. ‘Je moet overzien wie er allemaal bijdragen en welke hele kleine, moedige keuzes zij allemaal maken. De keuze voor de LocHal was geen makkelijke en ook eentje met net de meerderheid in de gemeenteraad. Dappere keuzes zijn dus niet vanzelfsprekend’, vindt hij. ‘Tilburg worstelde een paar jaar geleden nog met keuzes voor een megamall en het college viel eerder over een theater. Dan was de LocHal voor Tilburgse begrippen inderdaad een moedig besluit.’

"Ook iets níét doen kan overigens een brave decision zijn, denkt Marieke van Doorninck. ‘Door bijvoorbeeld te zeggen dat je niet meer mag slopen of te verplichten dat je zoveel mogelijk materialen moet hergebruiken, kun je als stad regie blijven houden. Maar als de stad geen keuzes maakt, riskeer je dat de stad wordt overgenomen door mensen die geld willen verdienen."

Ook iets níét doen kan overigens een brave decision zijn, denkt Marieke van Doorninck. ‘Door bijvoorbeeld te zeggen dat je niet meer mag slopen of te verplichten dat je zoveel mogelijk materialen moet hergebruiken, kun je als stad regie blijven houden. Maar als de stad geen keuzes maakt, riskeer je dat de stad wordt overgenomen door mensen die geld willen verdienen. In principe is geld verdienen niet verkeerd, maar wel als er verder niets wordt toegevoegd’, zegt de oud-wethouder.

In Amsterdam zijn ze met het donutmodel gaan werken, dat stelt dat je aan de ontwikkelingsdoelen van de VN wilt voldoen zonder over de planetaire grenzen heen wil gaan. ‘Dan zorg je ervoor dat groei niet alleen maar om economische groei gaat, maar om waardecreatie. Grond wordt dan bijvoorbeeld niet meer speculatief en de natuur krijgt ook een stem in de besluitvorming’, legt Van Doorninck uit. In één gebied in Amsterdam wordt nu met een postgroei-inrichting geëxperimenteerd. ‘We zeggen dat nog niet te hard, want mensen worden er heel zenuwachtig van.’

Jeroen De Willigen kan zich volledig vinden in het idee dat een brave decision ook betekent dat je iets achterlaat. ‘Dat is misschien wel hét kenmerk van een moedig besluit. In Lelystad werken we nu aan een plan om meer stedenbouwkundige samenhang aan te brengen. Daar zeggen we ook tegen het college dat ze daarvoor vooral geen nieuwe gebieden buiten de stad moeten aanleggen. Nu proberen ze te bedenken hoe ze eerst hun huidige wijken kunnen afmaken en verstevigen.’ In middelgrote steden waar mensen elkaar beter kennen en een diverser netwerk hebben, is het ook eenvoudiger om medestanders te vinden voor een nieuw idee of een bijzondere ingreep, denkt hij.

Dat betekent echter niet dat je altijd maar kunt doen wat inwoners graag willen: soms moet je tegen de stroom in. ‘In Groningen waren alle winkeliers tegen de plannen van wethouder Van den Berg. Als je het ze nu vraagt heeft die autoluwheid ze juist heel veel opgeleverd. Het is enigszins paternalistisch, maar soms moet je iets durven doorduwen omdat je weet dat je uiteindelijk goed gaat komen.’ En ook Van Doorninck weet dat haar strijd voor windmolens in Amsterdam niet altijd omarmd is, maar ze heeft in elk geval geprobeerd het begrip ervoor te kweken. ‘Als we veel energie gebruiken, zul je die als stad ook moeten durven op te wekken en niet op het ommeland moeten koloniseren.

Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck

"Ik gun onze besluitvorming meer ontwerpdenken’, stelt de wethouder. ‘En als overheid moeten we actief blijven."

Méér ontwerpdenken
Voor dappere keuzes staan niet alleen bestuurders aan de lat, maar ook ontwerpers, denkt Bas van der Pol. In zijn eerste honderd dagen als wethouder had hij, gechargeerd gezegd, nog geen enkele ontwerper gezien. ‘Zelfs onze eigen stedenbouwkundigen niet. Ik ben nu vierenhalf jaar verder en dat probeer ik wel te veranderen. Als ik kijk naar de plannen voor onze dorpen, daar hebben we met integraal ontwerp besloten het landschap belangrijk te maken. Zo’n zelfde ontwerpopgave staat er voor Tilburg-West op de rol: tienduizend woningen toevoegen is makkelijk als je een kaart in handen hebt, maar vraagt eerst om een goed ontwerpend onderzoek.’

Dat vraagt ook om meer zichtbaarheid van ontwerpers als het aan Van der Pol ligt. ‘Ontwerpers zijn ver weg geraakt van het moment waarin een besluit wordt gevormd. Het is in onze raadszaal zelden zo dat een ontwerper het uiteindelijke plan presenteert. De gemeenteraad vormt zijn mening niet aan de hand van een ontwerp, maar aan de hand van argumenten. Ik gun onze besluitvorming meer ontwerpdenken’, stelt de wethouder. ‘En als overheid moeten we actief blijven. Die term ‘faciliterende overheid’, daar heb ik een hekel aan.’

Jeroen de Willigen geeft de stad als advies nog mee om een stadsbouwmeester te installeren en om meer stukken grond zelf aan te kopen als gemeente, hoewel dat tegenwoordig wat lastiger is. ‘Wij kopen best veel’, zegt Van der Pol daarop. ‘Maar kopen hoeft niet altijd: soms kun je ook een ontwerp naar je toe halen. Dat doen we bijvoorbeeld op bedrijventerreinen: daar betalen wij zelf de ontwerpen van al die bedrijven. “Kijk hier eens naar, kan het ook zo?”’

Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck
Foto Freddie de Roeck

Er wordt afgesloten met een laatste reflectie vanuit de zaal. ‘Rueckert was een gezaghebbend figuur’, ziet een van de bezoekers. ‘Tilburg zou zijn best moeten doen om het vlak van ontwerp en onderzoek de beste mensen hierheen te halen die ze maar kunnen bedenken.’ Een andere bezoeker vraagt zich af of het enthousiasme voor middelgrote steden niet eerder is ingegeven door nostalgie. ‘Er zit een soort emotie bij’, geeft Jeroen de Willigen toe. Maar hij denkt ook dat middelgrote steden juist veel makkelijker te begrijpen zijn. ‘Een stad als Rotterdam snap ik eigenlijk nog steeds niet. Het beleid is daar zo abstract dat er nog steeds een grote afstand zit tussen de bestuurskamers en wat er op straat gebeurt.’

Wethouder Van der Pol besluit de bijeenkomst met een optimistische noot. ‘Je kunt de stad beter maken. Zolang je dat idee vast weet te houden gaat het de goede kant op.’

Lees hier meer over de tentoonstelling Bold City Brave Decisions en bekijk het groeiende archief: https://bold-cities.com/
We danken De Zwarte Hond voor de fijne samenwerking, en Gemeente Tilburg voor het mede mogelijk maken van de Tilburgse editie.